We spreken in dit draaiboek over een zieke cliënt als de cliënt voldoet aan onderstaande definiëring:
Acuut (net opkomend) begin van symptomen (andere waarschijnlijkheidsdiagnoses uitgesloten)
EN
Minimaal 1 van de volgende 3 symptomen:
Hoesten
Zere keel
Benauwdheid/kortademigheid/zuurstof afhankelijk terwijl dat normaal niet zo is
EN
Minimaal 1 van de volgende 3 symptomen:
Koorts of koortsachtig gevoel
Malaise (aspecifieke symptomen zoals vermoeidheid, lusteloosheid, zwakte en “niet-lekker” gevoel)
Hoofdpijn
Spierpijn
Definitie geteste cliënt
Een geteste cliënt is een zieke cliënt die, ter bevestiging van het vermoeden van een virale luchtweginfectie, getest is op minimaal influenza, Corona en RS-virus. De uitslag hoeft nog niet bekend te zijn.
Overige Definities
Bron
Een persoon die voldoet aan de definitie van de zieke cliënt en als zodanig dus nog besmettelijk is.
Chef uitbraak
De chef uitbraak is verantwoordelijk voor het zo goed mogelijk uit laten voeren van de infectiepreventiemaatregelen. De chef uitbraak motiveert, faciliteert, en implementeert waar nodig ten aanzien van de (extra) te nemen maatregelen ter preventie van verspreiding van uitbraak. De chef uitbraak is aangekondigd als zodanig in het team. Afgesproken is dat elkaar aanspreken wordt gestimuleerd en geaccepteerd.
Consulterenden
Visiterende behandelaren die na het bezoek aan een afdeling hun werkzaamheden zonder verhoogd risico direct willen voortzetten op andere afdelingen/groepen. Voorbeelden van consulterenden zijn S.O., fysiotherapeut, ergotherapeut en geestelijk verzorger.
Isoleerbare cliënt
Een cliënt die gedurende de gehele isolatieperiode (naar verwachting) op zijn/haar kamer blijft.
Luchtweginfectie
Een luchtweginfectie is een ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen. Dit heet ook wel een respiratoire infectie. De ernst van een luchtweginfectie kan wisselen van een milde verkoudheid tot een ernstige longontsteking.
Niet-isoleerbare cliënt
Een cliënt die niet gedurende de gehele isolatieperiode (naar verwachting) op zijn/haar kamer blijft.
Onbeschermd contact
Contact met een bron waarbij in ieder geval het masker als één van de voorgeschreven beschermende middelen niet gedragen is. Dus bij contact met een bron met alleen een halterschort en handschoenen aan, spreek je van onbeschermd contact.
PBM
Persoonlijke bescherming middelen zoals handschoenen, spatbril, een schort en een masker.
Thuisquarantaine
Maatregelen die in de thuissituatie genomen worden om (mogelijke) verdere verspreiding vanuit de (mogelijke) bron te voorkomen.
Verdachte cliënt
Cliënt die ervan verdacht wordt besmet te zijn met een virus dat een luchtweginfectie kan veroorzaken. Deze verdenking kan gebaseerd zijn op aanwezige symptomen en/of op een onbeschermd contact met een positieve bron.
Voorgeschreven PBM
Om beschermd contact te hebben worden de voorgeschreven PBM gebruikt:
handschoenen
halterschort
chirurgisch mondneusmasker type IIR of een FFP2 masker
spatbril bij risico op spatten of aerosolvormende handelingen zoals bronchiaal uitzuigen en vernevelen.